Als de bok op de haverkist zit!
Verona, 24 februari 1983.
" MOOOOOOORD!!! BRAAAAANDDDDD!!! MOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOORD! en brand dus." Ze ligt met een vuurrode kop, zwetend en wel in bed te wachten op het grootste wonder wat onze lieve Heer heeft kunnen bedenken voor een mensenleven. Hijgen, puffen, en nog meer hijgen. Zweten. Stilte. (nee ik begin niet weer). Nog meer hijgen, een man in wit pak knielt voor haar neer, de stethoscoop lafjes rustend op zijn geslacht. Zijn stem klinkt begaan en zwoel tegelijk. "gaat het?" vraagt hij in zijn beste Italiaans. NEEN! Het ging allerminst: meer puffen was het devies. Ze kneep haar ogen toe en perste het laatste restje energie wat nog in haar tengere lijf zat eruit. De man knielde weer en sprak de bevrijdende woorden: "ik zie de oren" . De vrouw voelt zich alsof er een bowlingbal door haar traanklier naar buiten moet worden geperst, alleen betreft het hier geen bowlingbal maar een leuke baby, een onvervalste 17 ponder. De man kan het niet langer aanzien en besluit het proces te versnellen, hij pakt een koevoet en perst deze precies achter de g-spot. Nu werd zÃjn hoofd rood en bezweten, maar het resultaat mocht er zijn: binnen een zucht en een poep floepte er een olijke baby uit de flamous, mooi van lelijkheid. Meteen jankte deze hoog en laag en scheet hij zonder waarschuwing de hele stethoscoop van de dokter vol. "Net goed" dacht de baby terecht op zijn beurt. De vrouw doopte haar pasgeboren zoon "Gianmarco Pompiedompio Leccatura Stagioni". Een bastaardkind, want de vrouw was zwanger geraakt tijdens de derby Hellas Verona - SSC Venetië door een dronken supporter van de rivaliserende club uit het Giethoorn van het zuiden. Dat dit kunstmatig gebeurde mocht de pret niet drukken, deze supporter was namelijk bevruchtingsarts bij de KI. Het kind groeide op voor galg en rad. Hij jatte alles wat los en vast zat en daarnaast was hij op school ook niet de snuggerste, wel had hij zich voor groep 5 al vergrepen aan de vrouwelijk conciërge, en juffrouw Rafaella maar dit terzijde. Niet alles ging zo perfect met zijn leven, neen, allerminst! Dagelijks werd hij gepest: ... en met een beugel, een klompvoetje, mottig aangezicht,ogen als een ansjovis in het trappegat, overbeharing, een bochel, een te grote ribjas, geurige broekhoest, een piel vol overjarige mozzarella, nafnaf bril, schaamluizen en chronisch een snor kan ik zijn klasgenoten ook geen ongelijk geven... Maar toch, zielig was het wel. We slaan even wat jaren over en we komen nu in de pubertijd: Een nóg grotere snor had zich van Gianmarco meester gemaakt. Geuriger, hariger en bovendien bleef er steeds meer ravioli in hangen: nee de weg naar volwassenheid kende veel hobbels en was niet altijd even makkelijk voor onze Gianmarco... Hij besloot te vertrekken uit zijn geliefde Verona, op weg naar Nederland waar hij via via een mooi studentenhuis kon betrekken in Eindhoven, mét uitzicht op Stratumseind, een niet al te beste combinatie gezien het vrouw- en drankoverschot waaronder de lichtstad toentertijd gebukt ging. In deze periode leerde hij via wederzijdse vrienden pino (pinjo red) kennen, je kent haar wel, de drievingerige blauwe reuze vogel uit sesamstraat. Het was liefde op het eerste gezicht. Na wat gesnavel over en weer was pinjo eigenlijk voornemens hem te dumpen. Als mensch zijnde kon hij niks betekenen voor de diepblauwgerande cloaca. Maar Gianmarco was zó verliefd dat hij alles overhad om maar bij haar te kunnen zijn. Het is tragisch maar er was maar één manier om dit te kunnen bewerkstelligen: hij moest zich laten ombouwen tot mascotte. Een mascotte? Het spookte dagenlang door het hoofd, maar wat voor mascotte dan? Hij zocht in bibliotheken en speurde obscure Internetpagina's af. Het is geen publiekelijk geheim dat Pino geilt op woelmuizen, laten we daar niet moeilijk over doen. Er restte hem geen andere mogelijkheid, een gang naar de woelmuispakmakelaardij was onvermijdbaar. De pakkenmaker had een prachtig balvormig pak vervaardigd van echt woelmuisjesleer en navelpluche, jarenlang opgespaard, en dat kwam nu mooi uit. Het pak was niet van echt te onderscheiden. Wel moest Gianmarco er mee leren leven dat er vanaf nu immer een grote vier op zijn rug prijkte: "ach" waren zijn woorden "op een quatro meer of minder maak ik me niet meer druk" Affijn. Getooid in pak drukte hij met een big smile op de bel bij het grote nest van sesamstraat, pinjo deed de deur open en stond met haar snavel vol tanden. "kom ik ongelegen?" Gianmarco glimlachte, de woelwangetjes bolde er van op. Nooit zou hij meer gelijk krijgen: Gianmarco kwám zeer ongelegen: de blauwe vogel was groot, maar niet groot genoeg om het uitzicht op de woonkamer te verbergen. In deze woonkamer stond de Duitse Hertz, het bronstige edelhert, met zijn mintgroene onderbroek op de enkels, het gewei fier omhoog de keelzak gebold en luid brullend. "wacht!!" riep pino nog, maar het was te laat... Diep bedroeft droop Gianmarco af,hij zocht zijn toevlucht in de drank, hij verkocht zijn studentenhuis en ging rentenieren. Wekenlang liet hij honderden pizza's, kilo's taugé en broodjes ingelegde haringen bezorgen aan het adres van de blauwe vogel. "Dat zal ze leren" meende hij. Slapen deed hij onder een brug, eten uit een oude vuilnisemmer en schijten op een hypermodern toilet met ingebouwde douchefunctie, want daar wilde hij absoluut niet op inleveren, en terecht. Zo leefde hij jaar in jaar uit, hij voelde de eerste najaarszon, zag de eerste sneeuwvlokjes vallen, hij leerde ook dat het niet altijd om de lente ging, ook de dikte is belangrijk en tenslotte de zomer: wulpse dames in dunne zomerjurkjes, maar niemand zag hem staan. Hij ging steeds meer drinken, hij dronk voort zoveel dat hij dorst kreeg van het drinken, een vicieuze cirkel. Na weer een keer stomdronken op een bankje in een park in slaap te zijn gevallen werd hij wakker geswaffeld door een man in grote regenjas met een notitieboekje in de hand. De man vroeg hem op de woelmuis af: "wat zou je ervoor voelen om elke zondag voor een groot publiek op te treden?" Dat wilde hij wel! Hij keek op de voorkant van het notitieblokje: er prijkte ‘der grüber' op de kaft. Hij sprong op en begon hem te spontaan te knuffelen. "Dank u! Dank u!" stamelde hij. Hij verbeterde zijn leven: de fles jenever werd ingeruild voor een pitcher bier, slapen kon hij nu voort in een verwarmde dug-out en hij begon vezelrijk voedsel te eten. Die zondag stond hij voor het eerst langs het veld... ...en de rest is geschiedenis. net als de wedstrijd van afgelopen zondag: Essche Boys 4 - Nuenen 8 0-3 daar hebben we het dus niet ook meer over.
Artikel: 897
|


 